Schrijven wat niet gezegd hoeft te worden
Dag lief dagboek…
Twaalf jaar was ik.
Zo blij met mijn dagboek en het slotje erop. Het sleuteltje bewaarde ik zorgvuldig op mijn geheime plekje.
Het dagboek was van mij.
Een plek waar ik vrij mijn gedachten op papier kon zetten. Waar ik mijn binnenste aan het papier toevertrouwde. En merkte dat mijn hoofd rustiger werd.
Soms kwam de helderheid pas de volgende ochtend.
Blijkbaar wist iets in mij al wat ik zelf nog niet wist.
Een plek voor wat in jou leeft
Vijfentwintig was ik toen ik zwanger was van mijn eerste kindje. Naast mijn gewone dagboek hield ik een zwangerschapsdagboek bij.
Ik wilde niets vergeten.
Nu, zoveel jaren later, vind ik het bijzonder om terug te kunnen lezen wat er toen in mij speelde.
Door te schrijven kan zichtbaar worden wat eerst nog onder de oppervlakte lag.
Een gevoel.
Een verlangen.
Een angst.
Een patroon.
Je hoeft het niet meteen op te lossen.
Soms is het al genoeg om het werkelijk te zien.
Wat vertrouw je toe aan papier?
Jaren geleden vilte ik deze boekomslagen voor schrijfboekjes.
Een vriendin aan wie ik zo’n boekje cadeau gaf, vertelde dat ze niet wist of ze het zou gebruiken.
Ze was bang om haar binnenste aan papier toe te vertrouwen.
Want het zou zomaar gelezen kunnen worden.
Ik begreep dat.
Schrijven vraagt om veiligheid. Om ergens te kunnen voelen:
dit is van mij.
Hier hoef ik niets mooier te maken.
Hier hoef ik mezelf niet uit te leggen.
Hier mag staan wat er werkelijk in mij leeft.
Wat blijft er achter?
Onlangs waren we samen een lang weekend aan zee. Telefoontje kwam.
Het huis waar zijn moeder tot haar negentigste had gewoond, stond klaar om overgedragen te worden.
Zij woonde al ruim een jaar in een rusthuis met verzorging.
Er was veel opgeruimd.
Nu nog de dagboeken.
Die konden niet zomaar naar de kringloop.
Ze vroegen om aandacht.
Ik vroeg mezelf af:
Wat zou ik willen dat er met mijn dagboeken gebeurt als ik er niet meer ben?
Het antwoord kwam eenvoudig.
Verbranden.
Niet omdat ze niets waard zijn.
Juist omdat ze zoveel bevatten.
Sommige dingen hoeven niet bewaard te blijven om betekenis te hebben gehad.
Sommige woorden hebben hun werk al gedaan.
Misschien is ook dat een vorm van loslaten.
Schrijven als ontmoeting
Schrijven is voor mij steeds meer een ontmoeting met mezelf geworden.
Met wat ik voel.
Met wat ik liever niet voel.
Met wat ik nog niet begrijp.
Met wat gezien wil worden.
Een schrijfboekje naast je bed kan daarvoor al genoeg zijn.
Wanneer je wakker wordt, kan er ineens helderheid zijn.
Niet omdat je het antwoord hebt bedacht.
Maar omdat je jezelf de ruimte hebt gegeven om te luisteren.
Je hoeft geen schrijver te zijn.
Je hoeft alleen maar te beginnen.
